Strategy

We streven ernaar de waarde van uw belegging over tijd te verhogen door middel van een totaalrendement, middels een combinatie van inkomsten en vermogensgroei. Hiertoe:

  • Maken we gebruik van een systematisch (d.w.z. op regels gebaseerd) beleggingsproces en kwantitatief onderzoek om een gediversifieerde portefeuille samen te stellen van investeringswaardige bedrijfsobligaties in US dollar met gebruikmaking van een dynamische, systematische multifactorbenadering om effecten met het beste toekomstige, voor risico gecorrigeerde rendement te identificeren.

  • Via een “bottom-up” effectenselectieproces houdt deze benadering rekening met een aantal factoren bij het streven naar rendement.

  • Deze factoren omvatten: waarde, momentum, kwaliteit, laag risico, carry, en kunnen over tijd veranderen.

Portefeuille Managementteam




Beleggingsrisico's Waar u Rekening Mee Dient te Houden

Deze en andere risico’s worden beschreven in het prospectus van het Fonds.

Investeringen in de Portefeuille behelzen bepaalde risico's. De beleggingsrendementen en de waarde van de Portefeuille zullen fluctueren, zodat de aandelen van een belegger, bij verkoop, meer of minder waard kunnen zijn dan hun oorspronkelijke waarde. Enkele van de voornaamste beleggingsrisico's in de Portefeuille zijn:

  • Risico van converteerbare effecten: Doordat converteerbare effecten zijn gestructureerd als obligaties die als kenmerk hebben dat deze kunnen of dienen te worden terugbetaald met een vooraf bepaalde hoeveelheid gewone aandelen in plaats van in contanten, dragen deze zowel het aandelenrisico als de krediet- en debiteurenrisico's die kenmerkend zijn voor obligaties.

  • Sector-/bedrijfstakrisico: Beleggingen in een beperkt aantal uitgevende instellingen, sectoren, bedrijfstakken of landen kunnen de portefeuille aan een grotere volatiliteit blootstellen dan een belegging in een groter of meer gediversifieerd effectenpakket.

  • De waarde van de meeste obligaties en andere schuldbewijzen neemt toe wanneer de rentevoeten dalen en daalt wanneer de rentevoeten stijgen. Een obligatie of geldmarktinstrument kan in prijs dalen en volatieler en minder liquide worden als de kredietwaardigheidsbeoordeling van het effect of de financiële gezondheid van de emittent verslechtert, of als de markt meent dat dit zou kunnen gebeuren. Schuldbewijzen houden een renterisico, een kredietrisico en een debiteurenrisico in.

  • Derivatenrisico: De Portefeuille kan afgeleide financiële instrumenten (derivaten) bevatten. Deze kunnen worden gebruikt om blootstelling aan onderliggende activa te verkrijgen, te vergroten of te verminderen en kunnen hefboomeffecten creëren; hun gebruik kan leiden tot grotere schommelingen van de intrinsieke waarde.

  • Risico's van opkomende markten: Wanneer de Portefeuille belegt in opkomende markten zijn deze activa over het algemeen kleiner en gevoeliger voor economische en politieke factoren en kunnen ze minder gemakkelijk worden verhandeld wat kan leiden tot een verlies voor de Portefeuille.

  • Afdekkingsrisico: Bij het beheer van het Fonds kan gebruik worden gemaakt van afdekking, alsmede bij aandelenklassen die wisselkoersen afdekken, om het winstpotentieel te elimineren naast het risico voor verlies. Maatregelen die bedoeld zijn om specifieke risico's af te dekken werken soms niet perfect, zijn niet altijd uitvoerbaar of kunnen volledig mislukken. Aangezien er geen sprake is van scheiding van passiva tussen de aandelenklassen, bestaat er een klein risico dat onder bepaalde omstandigheden transacties om wisselkoersrisico's af te dekken kunnen leiden tot verplichtingen die invloed kunnen hebben op de intrinsieke waarde van de andere aandelenklassen en dat hun activa kunnen worden gebruikt om deze aangegane verplichtingen te dekken.

  • Hefboomrisico: Het Fonds maakt in hoge mate gebruik van vreemd vermogen, wat kan oplopen tot 400% van de totale nettovermogenswaarde van het Fonds. Door gebruik te maken van vreemd vermogen kan zowel het rendement als het verlies toenemen, omdat elke gebeurtenis die de waarde van een belegging beïnvloedt, wordt vergroot naarmate meer vreemd vermogen wordt gebruikt.

  • Marktrisico: De marktwaarde van de effectenportefeuille stijgt en daalt dagelijks, waardoor beleggingen aan waarde kunnen verliezen.

  • Risico van vervroegde aflossing: Het risico dat in periodes van dalende rente, uitgevende instellingen de hoofdsom eerder dan verwacht aflossen, waardoor de portefeuille blootgesteld wordt aan een lager rendement bij herbelegging van de hoofdsom.

  • Risico van de secundaire markt: ETF-aandelenklassen zijn onderhevig aan risico’s die verband houden met notering, liquiditeit, handel en afwikkeling. Er kan geen garantie worden gegeven dat de aandelen, zodra zij op een effectenbeurs zijn genoteerd of verhandeld, op die beurs genoteerd of verhandeld zullen blijven. Omdat de marktprijs waartegen de aandelen op de secundaire markt worden verhandeld kan afwijken van de nettovermogenswaarde (NAV) per aandeel, kunnen beleggers bij aankoop van ETF-aandelen meer betalen dan de op dat moment geldende NAV en bij verkoop minder ontvangen dan de actuele NAV.

  • Duurzaamheidsrisico: Het duurzaamheidsrisico betreft een gebeurtenis of omstandigheid op het gebied van milieu, maatschappij of governance die, indien deze zich voordoet, mogelijk of daadwerkelijk een wezenlijk negatief effect kan hebben op de waarde van de belegging van een portefeuille. Duurzaamheidsrisico's kunnen gevolgen hebben voor het voor risico gecorrigeerde rendement op lange termijn voor beleggers. De beoordeling van duurzaamheidsrisico's is complex en kan gebaseerd zijn op moeilijk te verkrijgen en onvolledige, geschatte, verouderde of anderszins materieel onjuiste gegevens over milieu, maatschappij of governance. Zelfs wanneer deze gegevens in beeld worden gebracht, kan niet worden gegarandeerd dat ze correct worden ingeschat.

  • Systematisch/kwantitatief modelrisico: Voor de selectie, weging en allocatie van activa kunnen eigen kwantitatieve modellen worden gebruikt. Het onderzoeks- en modelleerproces is complex en kan ontwerpfouten of foutieve aannames bevatten. Het model werkt mogelijk niet zoals bedoeld waardoor een portefeuille mogelijk niet in staat is om de beleggingsdoelstelling te bereiken. Bepaalde modellen kunnen worden geconstrueerd met gegevens van externe dataleveranciers, waardoor de effectiviteit van de modellen mogelijk wordt beperkt. In extreem volatiele of illiquide marktomstandigheden kan het moeilijk zijn om de aanbevelingen van het model te implementeren.



Fondsbronnen