Strategy

Streeft naar vermogensgroei en het genereren van inkomsten door:

  • Te beleggen in een breed universum van Amerikaanse aandelen, vastrentende waarden en gediversifieerde activa.

  • Dynamische aanpassing van de posities door spreiding over beleggingscategorieën op basis van veranderende marktomstandigheden. 

  • Door een beroep te doen op experts op het gebied van de betreffende beleggingscategorieën bij AB kunnen wij een superieure effectenselectie bieden.

Portefeuille Managementteam




Beleggingsrisico's Waar u Rekening Mee Dient te Houden

Deze en andere risico’s worden beschreven in het prospectus van het Fonds.

Investeringen in de Portefeuille behelzen bepaalde risico's. De beleggingsrendementen en de waarde van de Portefeuille zullen fluctueren, zodat de aandelen van een belegger, bij verkoop, meer of minder waard kunnen zijn dan hun oorspronkelijke waarde. Enkele van de voornaamste beleggingsrisico's in de Portefeuille zijn:

  • Risico van converteerbare effecten: Doordat converteerbare effecten zijn gestructureerd als obligaties die als kenmerk hebben dat deze kunnen of dienen te worden terugbetaald met een vooraf bepaalde hoeveelheid gewone aandelen in plaats van in contanten, dragen deze zowel het aandelenrisico als de krediet- en debiteurenrisico's die kenmerkend zijn voor obligaties.

  • Door activa en hypotheken gedekte effecten (ABS en MBS) kunnen bijzonder gevoelig zijn voor renteschommelingen en hebben doorgaans een lagere kredietkwaliteit dan veel andere soorten schuldbewijzen. Wanneer de onderliggende schulden van een MBS of ABS niet worden terugbetaald of oninbaar worden, zullen de op die schulden gebaseerde effecten hun waarde geheel of gedeeltelijk verliezen.

  • Tegenpartij- en bewaargevingsrisico: Het risico dat de tegenpartij insolvabel wordt, niet aan haar verplichtingen wil of kan voldoen, met als gevolg dat betalingen vertraagd, verminderd of geëlimineerd worden.

  • Sector-/bedrijfstakrisico: Beleggingen in een beperkt aantal uitgevende instellingen, sectoren, bedrijfstakken of landen kunnen de portefeuille aan een grotere volatiliteit blootstellen dan een belegging in een groter of meer gediversifieerd effectenpakket.

  • De waarde van de meeste obligaties en andere schuldbewijzen neemt toe wanneer de rentevoeten dalen en daalt wanneer de rentevoeten stijgen. Een obligatie of geldmarktinstrument kan in prijs dalen en volatieler en minder liquide worden als de kredietwaardigheidsbeoordeling van het effect of de financiële gezondheid van de emittent verslechtert, of als de markt meent dat dit zou kunnen gebeuren. Schuldbewijzen houden een renterisico, een kredietrisico en een debiteurenrisico in.

  • Risico van certificaten van aandelen: Certificaten van aandelen (certificaten die effecten vertegenwoordigen die door financiële instellingen in bewaring worden gehouden) houden liquiditeits- en tegenpartijrisico's in. Certificaten van aandelen, zoals American Depositary Receipts (ADR's), European Depositary Receipts (EDR's) en P-Notes, kunnen onder de waarde van hun onderliggende effecten verhandeld worden. Houders van certificaten van aandelen kunnen bepaalde rechten (zoals stemrechten) ontberen die zij zouden hebben indien zij de onderliggende effecten rechtstreeks in eigendom hadden.

  • Derivatenrisico: De Portefeuille kan afgeleide financiële instrumenten (derivaten) bevatten. Deze kunnen worden gebruikt om blootstelling aan onderliggende activa te verkrijgen, te vergroten of te verminderen en kunnen hefboomeffecten creëren; hun gebruik kan leiden tot grotere schommelingen van de intrinsieke waarde.

  • Risico's van opkomende markten: Wanneer de Portefeuille belegt in opkomende markten zijn deze activa over het algemeen kleiner en gevoeliger voor economische en politieke factoren en kunnen ze minder gemakkelijk worden verhandeld wat kan leiden tot een verlies voor de Portefeuille.

  • Aandelenrisico: De waarde van beleggingen in aandelen kan fluctueren als reactie op de activiteiten en resultaten van individuele bedrijven of vanwege markten economische omstandigheden. Deze investeringen kunnen over korte of lange perioden afnemen.

  • Afdekkingsrisico: Bij het beheer van het Fonds kan gebruik worden gemaakt van afdekking, alsmede bij aandelenklassen die wisselkoersen afdekken, om het winstpotentieel te elimineren naast het risico voor verlies. Maatregelen die bedoeld zijn om specifieke risico's af te dekken werken soms niet perfect, zijn niet altijd uitvoerbaar of kunnen volledig mislukken. Aangezien er geen sprake is van scheiding van passiva tussen de aandelenklassen, bestaat er een klein risico dat onder bepaalde omstandigheden transacties om wisselkoersrisico's af te dekken kunnen leiden tot verplichtingen die invloed kunnen hebben op de intrinsieke waarde van de andere aandelenklassen en dat hun activa kunnen worden gebruikt om deze aangegane verplichtingen te dekken.

  • Hefboomrisico: Het Fonds maakt in hoge mate gebruik van vreemd vermogen, wat kan oplopen tot 400% van de totale nettovermogenswaarde van het Fonds. Door gebruik te maken van vreemd vermogen kan zowel het rendement als het verlies toenemen, omdat elke gebeurtenis die de waarde van een belegging beïnvloedt, wordt vergroot naarmate meer vreemd vermogen wordt gebruikt.

  • Liquiditeitsrisico: Het risico dat ontstaat wanneer ongunstige marktomstandigheden het vermogen om activa te verkopen, wanneer dat nodig is, beïnvloeden. Een verminderde liquiditeit kan een negatief effect hebben op de prijs van de activa.

  • Marktrisico: De marktwaarde van de effectenportefeuille stijgt en daalt dagelijks, waardoor beleggingen aan waarde kunnen verliezen.

  • Operationeel risico (met inbegrip van de bewaring van activa): Het Fonds en zijn activa kunnen aanzienlijke verliezen lijden als gevolg van storingen in technologie/systemen, inbreuken op cyberbeveiliging, menselijke fouten, inbreuken op beleid en/of onjuiste waardering van aandelen in beleggingsfondsen.

  • Risico van vervroegde aflossing: Het risico dat in periodes van dalende rente, uitgevende instellingen de hoofdsom eerder dan verwacht aflossen, waardoor de portefeuille blootgesteld wordt aan een lager rendement bij herbelegging van de hoofdsom.

  • Real Estate Investment Trust (REIT) risico: Beleggingen in REIT’s aandelen kunnen worden beïnvloed door veranderingen in de waarde van het onderliggende vastgoed dat eigendom is van de REIT, terwijl hypothecaire REIT's kunnen worden beïnvloed door de kwaliteit van een eventueel verleend krediet. REIT's zijn afhankelijk van managementvaardigheden, zijn niet gediversifieerd, zijn onderhevig aan een grote kasstroomafhankelijkheid, wanbetaling door kredietnemers en aan zelfliquidatie en renterisico's.

  • Risico van small/mid-cap aandelen: Effecten met een aandelenkarakter (voornamelijk aandelen) van kleine en middelgrote ondernemingen kunnen volatieler en minder liquide zijn dan effecten van grotere ondernemingen. Kleine en middelgrote ondernemingen beschikken vaak over minder financiële middelen, hebben een kortere bestaansgeschiedenis en minder diverse bedrijfsactiviteiten, waardoor zij een groter risico lopen op langdurige of permanente zakelijke tegenslagen. Beursintroducties (IPO's) kunnen zeer volatiel zijn en moeilijk te beoordelen vanwege een gebrek aan handelsgeschiedenis en een relatief gebrek aan openbare informatie.

  • Risico ten aanzien van gestructureerde instrumenten: Dit soort instrumenten is potentieel volatieler en brengt afhankelijk van de structuur, grotere marktrisico's met zich mee dan traditionele schuldinstrumenten. Veranderingen in een benchmark kunnen door de betreffende voorwaarden van het gestructureerde instrument worden versterkt en een nog groter en substantiëler effect hebben op de waarde ervan. Deze instrumenten kunnen minder liquide zijn en moeilijker te waarderen dan minder complexe instrumenten.



Fondsbronnen